Eten bij De Pauw - 12 januari
Glas
Het Instituut voor ICT waar ik werk, werkt uiteraard nauw samen met de Faculteit Informatica van de Academie hier ter stede. Om deze samenwerking af en toe te bevestigen, gaat een groepje docenten van beide instituten zo'n twee keer per jaar met elkaar uit eten. Omdat ik tot voor kort themacoördinator van een informatica uitstroomprofiel was, hoor ik ook tot dit groepje, dus dinsdag de twaalfde januari was ik ook weer van de partij.
Natuurlijk moet het restaurant in kwestie wel van een goede kwaliteit zijn; zo hebben we al gegeten bij Het Schimmelpenninckhuys en Bistro Het Gerecht. Deze avond was het de RuG die ons had uitgenodigd, en hun keuze was komen te vallen op restaurant De Pauw in de Gelkingestraat. We hadden afgesproken om half zeven en hoewel ik voor mijn gevoel redelijk laat van huis was vertrokken, was ik toch de eerste van de vier (uiteindelijk vijf) aanwezigen. Bij binnenkomst vond ik de aankleding wat steriel, op het saaie af. Te veel licht en te witte kleden over zowel de tafels als de stoelen. De semi-open keuken geeft je als bezoeker het idee dat je wel in de keuken kunt kijken, maar net niet kunt zien wat er allemaal gebeurt. Persoonlijk hou ik ook niet zo van bediening die in pak rondloopt: liever heb ik bediening die gewoon in een kostuum en een sloof van de zaak in kwestie rondloopt. Maar de beide heren deden hun werk goed: ze waren beleefd, wisten waar ze mee bezig waren en waren vriendelijk zonder amicaal te worden.
Marco Aiello en Jan BaljéNa enige tijd kwam de rest van het gezelschap binnen. Deze bestonden uit mijn collega Jan Baljé, Paris Avgeriou en Nicolai Petkov. Later op de avond werd het gezelschap nog uitgebreid met Marco Aiello. Toen we eenmaal gezeten waren kregen we een amuse van kalfsrollade met iets van peer en een gefrituurde chip van courgette. Dit smaakte allemaal prima, hoewel het vlees naar mijn smaak iets zouter had gemogen. Het gezelschap bestond uit mensen die verschillende wensen qua drank hadden, maar besloten werd om te starten met een witte wijn om bij het hoofdgerecht over te schakelen op een rode. Als witte koos ik voor een Pouilly-Fumé, de rode zou de gerant voor ons uitzoeken.
Nicolai Petkov
Het duurde wel enige tijd voordat we de kaart kregen. Zelfs zo lang dat ik dacht dat dit zo'n formule was waarbij je gewoon te eten kreeg wat de pot schaf. Aangezien ik met zo'n formule bijzonder prettige ervaringen heb, maakte ik me daar echter niet al te druk om. Maar na een tijdje kregen we toch een kaart die er (zowel qua inhoud als vormgeving) redelijk uitzag, maar liet niet heel veel keuze over voor mensen die geen vlees aten. De gerant had het maandmenu uitgelegd, wat de keuze voor mijn disgenoten aanzienlijk vereenvoudigden (die namelijk unaniem voor dat menu kozen), maar naar mijn smaak zat er te veel vlees van onduidelijke oorsprong in. Toen ik daarom vroeg naar de vis van de dag moest de gerant dat even navragen in de keuken (eigenlijk zijn enige misser van de avond: het maandmenu had hij uit het hoofd uitgelegd, en hij had ook de bestellingen niet opgeschrevengeschreven)). Hier bleek behalve coquilles ook kabeljauw in te zitten, wat volgens mij ook in de meest linkse kolom van de viswijzer staat. Dus toen maar gekozen voor de vegetarische optie van elke gang.
Soep Die begon met een soep van spinazie met ei en truffelschaafsel, die zowel qua kleur als smaak bijzonder goed uitviel. Het in deze soep gepocheerde ei gaf het geheel een verassende wending, zeker toen de dooier van het ei nog redelijk zacht bleek. De tweede gang was gnocchi met kruidnagelkaas. Een verassende combinatie, die wellicht beter uit de verf was gekomen wanneer de gnocchi iets meer smaak hadden gehad; zoals het nu was waren het wel erg meelballetjes. Het (enige) vegetarische hoofdgerecht bestond uit een keur aan vegetarische gerechtjes. Hier zaten werkelijk juweeltjes tussen, zoals de tarte tatin van witlof, of de toren van paddestoelen en (ik denk) koolrabi. Ook de hutspot die hierbij zat was erg grappig: in plaats van de traditionele manier van alles door elkaar gooien, bestond deze uit een klein beetje aardappelpuree, wat gekookte wortel en een beetje gebakken ui.
DessertVoor het dessert werd ons eveneens aangeraden een verzameling van al het op de trolley geportretteerde te nemen. Allemaal erg goed en lekker, al vond mijn disgenoot de crème brullèe niets in vergelijking met het exemplaar wat hij in Frankrijk had gegeten (maar je bent altijd wel iemands neanderthaler zeg ik altijd). Tot mijn persoonlijke favorieren behoren de aarbeientaart en het (zelfgemaakte) ijs. Wel jammer was dat ons niet werd gevraagd of we misschien kaas hadden willen hebben, want die stond er ook wel erg aanlokkelijk op een andere trolley.
Kortom, het was een gemoedelijke avond, vol lekker eten en goed gezelschap. De gespreksonderwerpen varieerden van PhD-students tot hoe vaak je kunt skiën wanneer je in Noord Italië of Oost Frankrijk woont. Uiteindelijk om half twaalf thuis en snel even dit verslag getypt.