In De Eeuwreiziger wordt aan de hand van gesprekken en gebeurtenissen de politieke en filosofische wereld van het eerste helft van de negentiende eeuw geschetst. Hoewel Andrés Neuman daar goed in slaagt, valt er op het succes ook wel wat af te dingen...
In de regel houd ik niet zo van boeken die dikker zijn dan tweehonderd pagina's. In mijn ervaring wordt in zo'n boek het verhaal te gedetailleerd weergegeven of ontspint het narratief zich dermate traag dat ik de aandacht er maar moeilijk bij kan houden; plus dat een dik boek betekent dat je driehonderd andere bladzijden niet kunt lezen. Dikke boeken zijn aan mij niet besteed. Maar er zijn natuurlijk uitzonderingen. De Naam van de Roos heb ik een aantal keer gelezen en Der Zauberberg vind ik een vrij briljant boek. Dus toen ik in de boekenbijlage van het NRC Handelsblad las over De Eeuwreiziger van de mij onbekende Andrés Neuman vond ik het interessant genoeg om dat voor mijn verjaardag te vragen - en te krijgen.
De Eeuwreiziger speelt in het tweede decennium van de negentiende eeuw - een exacte tijdsbepaling is niet mogelijk. We worden hier ingelijfd in de wereld van Wandernburg: een kleine stad in het grensgebied tussen Pruisen en Saksen, waar de herinnering aan de Napoleontische veldtochten nog bijzonder levend is. We maken kennis met Hans, vertaler en reiziger en één van de protagonisten vanuit wiens perspectief het verhaal verteld wordt. Hij arriveert op een koude winteravond in Wandernburg met het stellige voornemen daags daarna door te reizen naar Dessau, maar het stadje is voor hem boeiend genoeg om zijn vertrek wat uit te stellen. En zo worden dagen weken en weken maanden en zo ontstaat het tijdsbestek waarin het verhaal van De Eeuwreiziger zijn gestalte krijgt.
Vrij vroeg in het verhaal maakt Hans kennis met een orgeldraaier - die in het hele boek met 'De Orgelman' wordt aangeduid. Er onstaat een interessante vriendschap tussen deze twee personen, waarbij Hans met enige regelmaat de grot buiten de stad bezoekt waar de orgelman en zijn hond Frans wonen. Hier maakt hij ook kennis met diens vrienden Reichard, Lamberg en Günter; net als de orgelman ongeletterde arbeiders met wie Hans een soort van verstandhouding ontwikkelt. Vele avonden worden in deze grot stukgegooid met het drinken van wijn, het eten van vlees en het praten over verschillende onderwerpen. Het meest geliefde gespreksonderwerp hier is toch wel de verhouding tussen Hans en die andere protagonist Sophie Gottlieb.
Sophie Gottlieb is de dochter van één van de notabelen van Wandernburg: een mooie, intelligente vrouw die zich verloofd heeft met Rudi Wilderhausen, telg van de beroemde familie Wilderhausen die de industrie in de stad beheerst. Om haar intellectuele honger te stillen organiseert Sophie ten huize Gottlieb elke donderdag een salon waar een groepje mensen samenkomt om over politiek, literatuur en filosofie te spreken. In dit gremium maken we kennis met een Engelse handelsreiziger, Álvaro, met wie Hans regelmatig de plaatselijke kroeg bezoekt en met wie hij een innige vriendschap opbouwt; een Pruissische professor van het oude stempel, Mietter genaamd, die intelligent en belezen is maar door zijn conservatisme nogal eens met Hans een intellectueel duel uitvecht; het echtpaar Levin, waarvan de vrouw het immer zonder meer eens is met de vaak ongenuanceerde opvattingen van haar man; mevrouw Pietzine, die behoorlijk in de knoei is met haar geloof en om de haverklap moet biechten; en met meneer Gottlieb, de pater familias die de discussies met een zekere gelatenheid aanhoort en steevast om tien uur de salon verlaat.
Uiteraard ontspint zich een liefdesverhouding tussen Sophie en Hans, die onder meer gestalte krijgt door de vele briefjes die zij over en weer schrijven, en de gezamenlijke vertalingen van poëzie en literatuur die zij in opdracht van de uitgever waar Hans initieel naar op weg was maken. Dat Sophie eigenlijk verloofd is met Rudi Wilderhausen geeft deze relatie een vorm van buitenechtelijkheid, met alle geheimen en al het verzwijgen wat daarbij hoort. Hoewel Sophie rationeel voor Rudi kiest, verliest zij zich in de loop van het verhaal steeds meer in Hans.
Het is de salon die De Eeuwreiziger de structuur van een raamvertelling verschaft. De vele discussies tijdens deze salons zetten het wereldbeeld van de periode net na de Napoleontische Oorlogen neer, waarbij gesproken wordt over nationalisme (de opkomst van Duitsland als onafhankelijke politieke eenheid), filosofie (Kant is bijvoorbeeld nog maar net overleden en diens werk is bij de meeste salongangers bekend) en literatuur en poëzie (als vertaler en reiziger heeft Hans natuurlijk de nodige literatuur onder ogen gekregen, en hij spreekt daar uitvoerig over). De verschillende gebeurtenissen die zich in de loop van het verhaal ontvouwen, worden opgehangen aan de salon. Zo worden de brute moorden in Wandernburg uitgebreid besproken door de salongangers, is het wisselen van de seizoenen een belangrijk terugkerend thema, evenals het aanstaande huwelijk tussen Rudi Wilderhausen en Sophie Gottlieb. De salon en de gebeurtenissen daar zijn op hun beurt weer onderwerp van gesprek in de grot van de orgelman.
Het is een grote verdienste van Neumann dat hij in staat is de politieke situatie van het tijdperk op deze manier goed weer te geven. Verschillende bekende stellingen en problemen passeren in de salon de revue, zonder dat de latere posities en opvattingen hierover door de gesprekken heensijpelen. Zo heeft zelf de relatief progressieve Hans geen last van de postmoderne reflex die in de tweede helft van de negentiende eeuw tot ontwikkeling kwam. Dankzij de diversiteit aan geïntroduceerde personages is het voor Neumann mogelijk verschillende invalshoeken in de salon te introduceren. Het feit dat Álvaro oorspronkelijk uit Spanje komt, verschaft hem bijvoorbeeld een ingang in de discussie over katholicisme en lutherianisme die in deze periode, zeker in Pruisen, het publieke debat beheerste. De gesprekken in de grot van de orgelman geven het verhaal een zekere gelaagdheid die de leesbaarheid zeker ten goede komt. (Het is overigens grappig op te merken dat dit punt door een andere recenties juist als het negatieve aspect van de roman wordt beschouwd.)
Het is daarom jammer dat er erg veel lijntjes opgezet worden die niet of niet voldoende ontrafeld worden. Waarom is het bijvoorbeeld van belang dat de koffer van Hans niet door iedereen geopend mag worden - we komen nooit te weten wat er precies in zit. Wat is de rol van de geheimzinnige moordenaar die de straten van Wandernburg onveilig maakt? En waarom worden er een soort Jansen en Jansen geïntroduceerd die voor zijn opsporing verantwoordelijk gehouden worden? Ook wordt er in het begin van de roman nogal de nadruk op gelegd dat het lijkt alsof de huizen van Wandernburg steeds op een andere plek staan, en dat de wegen niet lopen zoals ze dat gisteren deden - ook weer een situatie die voor het verdere verloop van het verhaal geen gevolgen heeft. Het zijn deze en vergelijkbare lijntjes die de spanning wel in het verhaal houden, maar er tevens voor zorgen dat je aan het eind van de rit met veel vragen blijft zitten.
Een ander probleem wat ik met het verhaal heb is het bij tijd en wijle expliciet seksuele. Soms is dit seksuele functioneel en voegt het iets toe aan de scéne waarin dit zich afspeelt; bijvoorbeeld wanneer Hans en Álvaro het tijdens een salon hebben over de reformatie in Spanje terwijl mevrouw Pietzine met haar ketting zit te spelen:
Het kan zijn dat de mensen er hier aan gewend zijn geraakt op een bepaalde manier met elkaar samen te leven, of zich erbij hebben neergelegd, maar je moet bedenken dat velen vanwege die religieuze verscheidenheid denken dat de vrijheid in de andere gezindten zou kunnen liggen en ... Zeg heb je gezien hoe Pietzine aan haar ketting zit te frunniken?, het lijkt wel of ze zichzelf zit te bevredigen... Sst, doe niet zo achterlijk, straks horen ze ons nog...! Ja, ik begrijp wat je bedoelt, maar wat ik je probeer uit te leggen is dat een ontevreden katholiek hier de aandrang kan voelen naar het protestantisme over te stappen en... zeg, nu je het zegt!, ze zit inderdaad aan die ketting alsof ze... nou ja, de ene of de andere stroming kan dus aan het kortste eind trekken, maar uiteindelijk is het altijd de religie die wint. Joder, ik word helemaal zenuwachtig van die ketting...
Op andere punten is de tekst echter explicieter en minder functioneel, en wordt je zelfs uit het verhaal getrokken omdat niets verraad dat de scéne zich afspeelt in en seksuele setting:
En net als romans, Lucinde is een soort hybride roman, niet eenduidig van aard. Voorwoord! zei Hans applaudiserend, we willen een voorwoord van je bij de volgende uitgave. Wist je dat Schelling een tweede deel wilde schrijven? vertelde Sophie terwijl ze met een vinger door Hans' schaamhaar kroelde, het schijnt dat hij er een vervolg op wilde maken vanuit háár gezichtspunt, niet dat van Julius. (p. 438)
Het boek staat vol met dit soort expliciete scénes die nauwelijks iets toevoegen aan het verloop van het verhaal.
Ondanks deze punten van kritiek is De Eeuwreiziger een boeiend en prettig leesbaar boek. De manier van schrijven, de onderwerpen die ter tafel komen en het gering aantal hoofdpersonen houden de aandacht vast en zorgen ervoor dat je graag wilt weten hoe de boel afloopt. Dat een aantal van de lijntjes niet echt afloopt, of afloopt op een onbevredigende manier, doet daar niets aan af.
Andrés Neuman - De Eeuwreiziger
Athenaeum - Polak en Van Gennep
Amsterdam 2010
617 pagina's - €24,95
Uit het Spaans vertaald door Corrie Rasink
Oorspronkelijke titel: El viajero del siglo.
xhtml 1.0 valide